Share

We publiceren hieronder een zeer interessante grafiek die de contributie per sector toont van het BNP (hier GDP of Gross Domestic Product genoemd) in Verenigde Staten, Verenigd Koninkrijk en Europa (enkel eurozone). De data tonen aan dat landbouw slechts 1.2% bijdraagt aan de Noord-Amerikaanse economie; in het VK zelfs maar 0.7% terwijl de financiële sector in die landen boven de 30% zit aan hun bijdrage aan het BNP. In Europa (enkel eurozone) is de trend vergelijkbaar. Uit die grafiek zouden we kunnen afleiden dat de banksector 10 maal belangrijker is als landbouw en de financiële sector in zijn geheel 30 keer significanter. Volgens het BNP is dit ook zo maar in de échte wereld niet. Wat zou je immers liever niet hebben in de maatschappij indien je de keuze had: bankiers, hedge fundmanagers uit the City & Wall Street, advocaten of... landbouwers?

In het Verenigd Koninkrijk wordt 69% van het land gecultiveerd of wordt het begrazen, 60% van het voedsel dat men in het VK eet wordt ook ter plekke geproduceerd (dus 40% import). De Verenigde Staten zijn zelfs de grootste landbouwproducent ter wereld afhankelijk hoe je het meet (anders 3de na China en India). De Noord-Amerikaanse landbouw voedt 300 miljoen mensen per jaar en een kwart van hun totale productie wordt uitgevoerd. Mensen die door het centrale deel van de V.S., het Heartland, gereisd hebben (ik eerlijk gezegd nog niet) die zullen vast ook wel gezien hebben hoe gigantisch veel grond er in de States er gebruikt wordt voor landbouw. Maar als we naar de cijfers kijken levert dat slechts 1.2% op aan het BNP van Amerika, 0.7% in de UK en 1.7% op het Europese vasteland. Wat is er dan mis met de statistieken? Het probleem ligt in de manier waarop het berekend wordt.

Het BNP (ook wel BBP genoemd) vertegenwoordigt de marktwaarde van alle goederen en diensten die op een jaar tijd door een bepaald land of een regio worden geproduceerd. Men meet zo ook de economische groei door te meten of dit stijgt of daalt. Wat er bij de landbouwsector gebeurt is dat het geproduceerde voedsel richting de processing industrie gaat waar men het slacht, verwerkt of in blik stopt. De toegevoegde waarde van processing zit dus niet meer in de landbouwstatistieken, en nadien komt het via transport bij verdelers en supermarkten terecht dus in weer een andere tak die een bijdrage levert aan het BNP.

De Britse journalist Michael Roscoe berekende dat de werkelijke bijdrage van de landbouwsector eerder 10% zou moeten zijn, niet minder dan 15% van de Amerikaanse banen bevinden zich ook in de landbouw, het outputcijfer van landbouw in de GPD statistiek reflecteert dit dus niet. Primaire sectoren zoals landbouw zijn echt vitaal voor een land, we moeten immers elke dag eten.

Als we de cijfers verder bekijken zien we dat de financiële sector goed is voor bijna één derde van de totale omzet. Hoe is het mogelijk dat zij meer toegevoegde waarde en meer welvaart creëren als landbouw of industrie? Ook de overheid haalt fors hogere cijfers als landbouw? Klopt dit? In theorie wel maar in de praktijk dus niet.

Echte rijkdom wordt gecreëerd door de primaire (landbouw) en secondaire sectoren (productie), de tertiaire (diensten, financiële sector) verschuiven die rijkdom echter en proberen daar een toegevoegde waarde mee te creëren. Wat tertiaire sectoren eigenlijk doen is waarde die eerder door primaire en secondaire sectoren gecreëerd zijn recyclen. Het kapitaal dat in de financiële sector circuleert heeft vaak ook bitter weinig te maken met de reële dagdagelijks economie die mensen raakt, het wordt gebruikt om te speculeren in bvb hedgefunds.

Problematisch is ook dat het BNP geen rekening houdt met de schade die door de mens aan het milieu aangericht wordt. Het BNP is als graadmeter om tal van redenen eigenlijk onbruikbaar maar vooral ook omdat het geen rekening houdt met vervuiling. Groen politicus Wouter Van Besien noemt in zijn uitstekend boek ‘Beter’ de Deepwater Horizon olieramp als voorbeeld op. De schoonmaak van de gevolgen van die ramp leverde een positief saldo op voor het BNP van Amerika… Bijgevolg zou men dus kunnen concluderen dat olierampen positief kunnen zijn voor de economische groei, dat is natuurlijk compleet absurd.

In zijn boek ‘De Limieten van de Markt’ hamert econoom Paul De Grauwe (die les geeft aan de London School of Economics) ook op hetzelfde probleem. De Grauwe schrijft dat economische activiteiten ‘externaliteiten’ veroorzaken. Hij noemt als voorbeeld dat als je gaat winkelen je in een auto stapt die schadelijke gassen en fijn stof uitstoot dat door voorbijgangers ingeademd wordt.

Winkelen is een economische activiteit die de omzet van zelfstandigen verhoogt en dus een positieve bijdrage levert aan het BNP maar de fijne stoffen en gassen veroorzaken ook maatschappelijke kosten: doktersbezoeken, medicatie, ziekenhuisopnames etc... Deze externe kosten zitten niet in het BNP verwerkt! Hetzelfde met industriële bedrijven die schadelijk afval produceren. De Grauwe stelt daarom voor om de externaliteiten zoals hij dit noemt aan te rekenen aan de industrie, aan de vervuiler. Zo krijgen we al een veel realistischer beeld of de economische groei van het BNP ook echt groei is.

Een ander groot probleem met cijfers van het BNP is dat het wel de prestaties van de economie van een land op jaarbasis meet en dat er bij een stijging (groei) dus meer toegevoegde waarde is die over de samenleving kan verdeeld worden maar... Het zegt niets over hoe welvaart verdeeld wordt over die samenleving. Het zegt met andere woorden niets over ongelijkheid of over hoe die toegevoegde waarde die gestegen productiviteit oplevert verdeeld wordt.

In 2008 deden Nobelprijswinnaars economie Amartya Sen en Joseph Stiglitz ook een onderzoek naar het BNP en hun conclusie was dat het een onbetrouwbare graadmeter is omdat het op geen enkele manier rekening houdt met (de stijgende) economische ongelijkheid en omdat het ecologisch impact volledig genegeerd wordt. Daarom wordt het tijd dat we er vanaf stappen om BNP als dé maatstraf te nemen om economische activiteit en groei te meten.

Hart boven hard

hartbovenhardkleur

18 stellingen

ecosoclogo

Roodlinks RSS feed

Agenda

di mei 30 @ 7:30PM -
Support Labour event

Steun ons financieel

Geef ons een duwtje in de rug en stort een bijdrage op het rekeningnummer van Roodlinks nationaal:

000-3255563-49
IBAN BE97 0003 2555 6349
BIC BPOTBEB1
op naam van
Roodlinks
p/a Kruishofstraat 144 bus 118
2020 Antwerpen

Manifest

linksmoetookdurven