Share

De laatste maanden en weken konden we er niet naast kijken. Dagelijks hoorden we via de media het woord ‘tax shift’. Na de bekendmaking van wat de regering Michel I ervan had gemaakt, kon de verontwaardiging niet op. De tax shift van de regering Michel I komt neer op nóg maar eens een inlevering op de kap van de gewone mensen die moeten leven van een inkomen uit arbeid of moeten leven van een vervangingsinkomen. Zij worden door de regering Michel nog het ergst getroffen. De in het regeerakkoord onderhandelde tax shift wordt voor 7,2 miljard euro belastingen op arbeid verschoven naar consumptiebelastingen, milieubelastingen en vermogen. Welke maatregelen zou een regering nemen die naar rechtvaardigheid streeft en die zich verantwoordelijk voelt voor de ganse samenleving? Een vermogensbelasting of de maatregelen die de regering van MR, N-VA, CD&V en Open VLD nu nemen zoals bijvoorbeeld de elektriciteitsprijs voor de gezinnen met enkele honderden euro per jaar doen stijgen?

En wat te denken van de maatregel die zorgt dat de werkloosheidsuitkering nog sneller daalt dan afgesproken was onder de regering Di Rupo? Hoe kun je dit nog menselijk noemen als je weet dat er elke maand afgerond 600.000 werklozen klaar staan voor 30.000 vacatures? Het gaat zelfs nog verder. Het bedrag van de werkloosheidsuitkering en van de ziekte-uitkering worden verlaagd door een andere berekeningswijze. De bedragen worden niet langer berekend op het laatste loon, maar op het gemiddelde van de laatste 12 maanden. Deze maatregelen die alleen de zwakste mensen treft, brengen bijna 4 maal meer op dan de speculatietaks. Het is nu meer dan duidelijk dat de regering Michel zich niet verantwoordelijk voelt voor alle mensen in de samenleving.

Het alternatief: een vermogensbelasting

Dit ombuigen naar een rechtvaardige tax shift zal heel wat meer vereisen dan alleen maar hierover analyses te maken. Wat we evenzeer nodig hebben is een veelvuldige herhaling van een gedurfd alternatief dat zorgt voor rechtvaardigheid en sociale strijd. Want deze regering is via overleg niet tot rede te brengen. Zoals de vele kritieken op het akkoord al hebben aangetoond, heeft de regering niet gekozen voor een verschuiving naar kapitaal, maar legt ze nog een zwaardere belastingdruk op de mensen die hun inkomen halen uit arbeid en uit een vervangingsinkomen. Éen maatregel had al voldoende geweest om te zorgen voor een rechtvaardige verschuiving naar kapitaal én die daar bovenop zelfs meer dan 7,2 miljard euro opbrengt: een vermogensbelasting.  Voor rechtvaardigheid in de ganse fiscaliteit zijn er uiteraard meer maatregelen nodig. Maar dat is een ander verhaal.

Om aan te tonen dat een vermogensbelasting de maatregel is die men eerst moet nemen, nemen we eerst eens een kijkje op de website van Journalist Ludwig Verduyn: http://derijkstebelgen.be/de-lijst/.

Journalist Ludwig Verduyn houdt al 15 jaar een rangschikking bij van de 500 rijkste Belgen. Om het vermogen van de rijkste families vast te stellen neemt Ludwig Verduyn de slapende en buitenlandse vermogens niet op in zijn berekening, net zomin als villa’s, auto’s en kunstwerken. Het gaat louter om het vermogen, vastgeankerd in vennootschappen. Uit zijn laatste rangschikking kwam aan het licht dat de families de Spoelberch, de Mevius & Vandamme, de grootaandeelhouders van AB InBev, alleen al over een vermogen beschikken van meer dan 50 miljard. Deze families, die trouwens betrokken zijn in de affaires die belastingen ontwijken en die luisteren naar de namen SwissLeaks, LuxLeaks en PanamaLeaks, hebben een fortuin kunnen opbouwen dat nu 77 keer groter is dan vijftien jaar geleden! Wanneer we de optelsom maken van de 25 grootste Belgische fortuinen die Verduyn bekend maakte, dan spreken we over een vermogen van 88 miljard. Kijken we naar de 1 procent Belgische rijkste families, dat zijn er 46.065, dan zien we dat deze over een groter vermogen beschikken dan wat de 60 procent minst rijken samen bezitten.

Vermogensbelasting nu!

Dé maatregel die men tegen deze onrechtvaardigheid moet nemen, is een vermogensbelasting op het totale bezit en die als doel heeft om alleen de superrijken te belasten. Dat kan door een vermogensbelasting in te voeren met drie aanslagvoeten: 1% op de schijf tussen 1 en 2 miljoen euro, 2% op de schijf tussen 2 en 3 miljoen euro, en 3% op alles boven de 3 miljoen euro. Bovendien wordt de woning die een gezin betrekt vrijgesteld voor een bedrag van 500.000 euro. Concreet betekent dit dat je maar pas in aanmerking komt voor de vermogensbelasting als je over een vermogen beschikt van meer dan 1,5 miljoen euro.

Met deze formule en door de vrijstelling hoog genoeg  te nemen, komen in België slechts de drie procent allerrijksten, dit wil zeggen 138.000 gezinnen, in aanmerking. Maar de vermogensbelasting brengt het meest op bij de één procent rijksten, namelijk bij de 46.065 gezinnen met een gemiddeld vermogen van 8,2 miljoen euro. Als de drie aanslagvoeten worden toegepast op de drie procent allerrijksten, dan komt men op een jaarlijks bedrag van 9,5 miljard euro! Vergelijk dit met de maatregelen die de regering neemt om de vermogenden aan te spreken: invoering van een speculatietaks die men zeer eenvoudig kan omzeilen, een belasting op vermogen dat verstopt zit in buitenlandse financiële constructies waarvan de opbrengst in twijfel wordt getrokken door de inspectie van Financiën en een verhoging van de roerende voorheffing. Met de meest gunstigste prognoses van de regering, brengen deze  maatregelen samen nog geen 1 miljard euro op. Een vermogensbelasting op de 3% rijkste families brengt 8 miljard meer op!

Opheffing van het bankgeheim nu

Om een zicht te krijgen dat iedere burger belastingen betaalt naar draagkracht is een vermogenskadaster onmisbaar. In België moet daarom het bankgeheim volledig worden opgeheven. Dat is geen revolutionaire eis. Op het Europese niveau wisselt men al tussen de landen financiële informatie uit. In het begin gold dit nog niet voor alle financiële producten. Maar vanaf 2017 zal de fiscus een vrij volledig beeld hebben van de inkomsten van Belgen in andere Eu-landen. Ook op internationaal niveau werkt men naar een regeling van automatische financiële informatie. België wordt verplicht daaraan mee te doen, maar past dit niet toe in eigen land. In België heeft men gekozen voor een ingewikkelde procedure vooraleer het bankgeheim kan worden opgeheven. Er moet namelijk sprake zijn van één of meer aanwijzingen voor belastingontduiking. Dus wanneer de Belgische fiscus gegevens wil van een rekening in eigen land, moet er een vermoeden van belastingontduiking zijn en moet er een ganse procedure worden opgestart. Voor de buitenlandse fiscus ligt er een boulevard open, voor de eigen fiscus blijft het aanmodderen!

De regering Michel wil de strijd aanbinden tegen fiscale fraude. In 2017 en 2018 zou dit samen 175 miljoen euro moeten opbrengen. Maar zonder de volledige opheffing van het bankgeheim en zonder de aanleg van een vermogenskadaster is fraudebestrijding onbegonnen werk. Ook het cijfer van 175 miljoen inkomsten uit fraudebestrijding is lachwekkend als je daar tegenover het cijfer van de zwarte economie plaatst. Een van de meest vooraanstaande specialisten op het vlak van het meten van de ondergrondse economie is professor Friedrich Schneider van de Johannes Keppler Universiteit in Oostenrijk. Deze professor heeft een berekeningsmodule ontwikkeld met criteria die toelaten de ondergrondse economie in een staat te meten. Bovendien laat zijn module toe om de ondergrondse economie in verschillende staten met elkaar te vergelijken. Uit zijn laatste rapport blijkt dat in 2014 de zwarte economie in België 61 miljard bedraagt. Ruw geschat betekent dit dat de schatkist 26 tot 30 miljard euro aan inkomsten heeft gemist!

Over het onderzoek in 2010 van professor Schneider dat ongeveer hetzelfde cijfer opbracht aan zwarte economie, schrijft Michel Maus in zijn boek ‘Iedereen doet het’ het volgende:  ‘Als we dit nu vergelijken met de omringende landen waar de zwarte economie gemiddeld 12,2 procent van het BBP bedraagt, hetzij 5,5 procent lager dan in België, en we zouden erin slagen in België het fraudepercentage terug te dringen tot het niveau van onze directe buurlanden, dan zou dit volgens het theoretisch model van professor Schneider de facto tot gevolg hebben dat er per jaar 8 miljard euro extra in de Schatkist terechtkomt. Dat is een cijfer dat toch tot nadenken stemt.’

Waarom de strijd tegen fraude in onze buurlanden beter scoort dan bij ons, heeft onder andere te maken met een wetgeving die meer transparantie biedt. Maar ook omdat er bij Financiën een gebrek is aan personeel en efficiënte werkingsmiddelen. Als de Belgische politici ingrijpende maatregelen willen nemen tegen fraude, kunnen ze best eens over het muurtje gaan kijken naar Frankrijk, Duitsland en Nederland.

Afsluiter

De regering van MR, N-VA, CD&V en Open VLD voelt zich duidelijk niet verantwoordelijk voor de ganse samenleving en is blijkbaar niet via overleg tot rede te brengen. Het is nu aan het middenveld om de strijd voor een rechtvaardige samenleving vorm te geven!

Guido Deckers

Nationaal ACV-propagandist voor het thema rechtvaardige fiscaliteit.

Bronnen:

·          http://derijkstebelgen.be/de-lijst/

·          Belastingparadijs België, Marco Van Hees

·          De Tijd, 25/07/2015

·          De Morgen, 10/04/2015.

·          Iedereen doet het, Michel Maus, p.98.

Roodlinks op Facebook

Hart boven hard

hartbovenhardkleur

18 stellingen

ecosoclogo

Roodlinks RSS feed

Agenda

di mei 30 @ 7:30PM -
Support Labour event

Steun ons financieel

Geef ons een duwtje in de rug en stort een bijdrage op het rekeningnummer van Roodlinks nationaal:

000-3255563-49
IBAN BE97 0003 2555 6349
BIC BPOTBEB1
op naam van
Roodlinks
p/a Kruishofstraat 144 bus 118
2020 Antwerpen

Manifest

linksmoetookdurven